De vergelijking tussen de kerk en de bibliotheek is in vele opzichten zinvol. Het relativeert allereerst onze problemen (zoals ik vorige week al zei): we zijn niet de enigen die worstelen met een snel veranderende tijd. Dat lucht op. Eigenlijk heeft élk instituut het er moeilijk mee: onderwijs, zorg, overheid en dus ook de bibliotheek. En omdat we niet de enigen zijn, helpt het vergelijk met elkaar ons om nieuwe oplossingsrichtingen te vinden. Kennelijk zijn veel van de problemen van de kerk gerelateerd aan haar sociale interactie met een veranderende samenleving. We weten waar we aan werken moeten - en wat we kunnen laten rusten.
Een aantal constateringen. (1) Allebei, bibliotheek en kerk, worden geassocieerd met het oude medium: het boek. Jazeker, dat medium heeft zijn functie nog altijd, alle somberheid van de uitgeversbranche ten spijt. Duizenden titels verschijnen er per dag, terwijl de dood van het boek al tientallen jaren wordt voorspeld. Toch is er wel wat aan de hand. Het boek heeft haar exclusieve plaats verloren. Weblogs en wiki’s, maar ook tijdschriften en kranten hebben hun plek naast het boek opgeëist. Het boek is niet langer een bron van exclusieve, laat staan actuele informatie. Ik weet inmiddels uit ervaring dat, tegen de tijd dat een boek verschijnt, de inhoud ervan al 4 maanden oud is. Dat is in onze snelle tijd veel…
Dit leidt tot een tweede constatering. (2) In een tijd dat het boek een exclusieve bron van informatie is, hebben de instituten die deze bronnen beheersen ook een zekere macht, namelijk de macht van de bewaking en de selectie. Voordat een boek bij de lezer kwam waren er tal van selectie- en bewakingsinstrumenten gepasseerd: redactie, selectie en fysieke bewaring. Dit werd in hoge mate versterkt door de (relatieve) schaarste van het boek. In onze tijd is dat omgedraaid: er is sprake van informatieovervloed en van selectie na publicatie (Clay Shirky). De macht van de bewaking en selectie is voorbij, want overbodig.
Derde waarneming. (3) Door de grote veranderingen in de samenleving hebben mensen beide – bibliotheek en kerk – niet meer nodig. Welke functies je beide instituten ook toedicht, de noodzaak is weggevallen. Je hebt de bibliotheek niet meer nodig om makkelijk aan boeken te komen, sterker nog: je hebt zelfs boeken niet meer nodig om kennis te vergaren. Een internetaansluiting volstaat. De bibliothecaris als kenner en adviseur is evenzeer overbodig geworden door de aanbevelingen op het internet. Daarmee is niet gezegd dat de bibliothecaris geen toegevoegde waarde meer zou kunnen bieden, maar in de ervaring van mensen is hij of zij een overbodige figuur geworden.
Hetzelfde geldt voor de kerk. Niemand lijkt haar nodig te hebben. Niet voor de sociale structuur die ze bieden kan, niet voor de diaconale hulp, niet voor de sociale controle. En om haar theologische of ethische informatie zit al helemaal niemand meer verlegen. De kerk is evenmin nodig voor mensen in hun spirituele zoektocht, want de reli-markt is groots en het spirituele assortiment is breed. De verschoten kraam van de kerk met haar vergeelde traktaten en verjaarde psalmen trekt nog maar weinig publiek. Niet nodig.
Goed beschouwd staan kerk en bibliotheek dus voor vergelijkbare uitdagingen in een nieuwe tijd: hoe weer een relevante functie te vinden in een tijd van informatieovervloed in plaats van in een tijd van informatieschaarste? En hoe te functioneren in een tijd van dynamische netwerken en sociale interactie in plaats van langs de lijnen van hiërarchie en organisatie. En tenslotte: hoe te acteren in een tijd die zich razendsnel ontwikkelt, terwijl de bestaande organisatie vaak wordt gestuurd door trage processen en uitgaat van een stabiele samenleving.
Voldoende vragen om verder te denken, lijkt me. Wordt vervolgd dus.
Boele P. Ytsma
zoekendgeloven.nl
Eerder: De kleine kerk en de grote wereld (1) – relativering
Een aantal constateringen. (1) Allebei, bibliotheek en kerk, worden geassocieerd met het oude medium: het boek. Jazeker, dat medium heeft zijn functie nog altijd, alle somberheid van de uitgeversbranche ten spijt. Duizenden titels verschijnen er per dag, terwijl de dood van het boek al tientallen jaren wordt voorspeld. Toch is er wel wat aan de hand. Het boek heeft haar exclusieve plaats verloren. Weblogs en wiki’s, maar ook tijdschriften en kranten hebben hun plek naast het boek opgeëist. Het boek is niet langer een bron van exclusieve, laat staan actuele informatie. Ik weet inmiddels uit ervaring dat, tegen de tijd dat een boek verschijnt, de inhoud ervan al 4 maanden oud is. Dat is in onze snelle tijd veel…
Dit leidt tot een tweede constatering. (2) In een tijd dat het boek een exclusieve bron van informatie is, hebben de instituten die deze bronnen beheersen ook een zekere macht, namelijk de macht van de bewaking en de selectie. Voordat een boek bij de lezer kwam waren er tal van selectie- en bewakingsinstrumenten gepasseerd: redactie, selectie en fysieke bewaring. Dit werd in hoge mate versterkt door de (relatieve) schaarste van het boek. In onze tijd is dat omgedraaid: er is sprake van informatieovervloed en van selectie na publicatie (Clay Shirky). De macht van de bewaking en selectie is voorbij, want overbodig.
Derde waarneming. (3) Door de grote veranderingen in de samenleving hebben mensen beide – bibliotheek en kerk – niet meer nodig. Welke functies je beide instituten ook toedicht, de noodzaak is weggevallen. Je hebt de bibliotheek niet meer nodig om makkelijk aan boeken te komen, sterker nog: je hebt zelfs boeken niet meer nodig om kennis te vergaren. Een internetaansluiting volstaat. De bibliothecaris als kenner en adviseur is evenzeer overbodig geworden door de aanbevelingen op het internet. Daarmee is niet gezegd dat de bibliothecaris geen toegevoegde waarde meer zou kunnen bieden, maar in de ervaring van mensen is hij of zij een overbodige figuur geworden.
Hetzelfde geldt voor de kerk. Niemand lijkt haar nodig te hebben. Niet voor de sociale structuur die ze bieden kan, niet voor de diaconale hulp, niet voor de sociale controle. En om haar theologische of ethische informatie zit al helemaal niemand meer verlegen. De kerk is evenmin nodig voor mensen in hun spirituele zoektocht, want de reli-markt is groots en het spirituele assortiment is breed. De verschoten kraam van de kerk met haar vergeelde traktaten en verjaarde psalmen trekt nog maar weinig publiek. Niet nodig.
Goed beschouwd staan kerk en bibliotheek dus voor vergelijkbare uitdagingen in een nieuwe tijd: hoe weer een relevante functie te vinden in een tijd van informatieovervloed in plaats van in een tijd van informatieschaarste? En hoe te functioneren in een tijd van dynamische netwerken en sociale interactie in plaats van langs de lijnen van hiërarchie en organisatie. En tenslotte: hoe te acteren in een tijd die zich razendsnel ontwikkelt, terwijl de bestaande organisatie vaak wordt gestuurd door trage processen en uitgaat van een stabiele samenleving.
Voldoende vragen om verder te denken, lijkt me. Wordt vervolgd dus.
Boele P. Ytsma
zoekendgeloven.nl
Eerder: De kleine kerk en de grote wereld (1) – relativering






5 reactie(s) (klik hier om te reageren!):
Hoi Boele,
Je schrijft dat niemand de kerk nodig lijkt te hebben... niet voor de diaconale hulp...
Helaas is het wel zo dat diakonieën nog steeds mensen helpen:
hetzij door ze te helpen het juiste loket te vinden van zorgverlenende instanties; hetzijn door materiële zorg te verlenen aan mensen.
Ook zijn zij regelmatig partners waar sociale diensten mee samenwerken.
In principe zou dat niet moeten in onze verzorgingsstaat, maar het blijkt dat er toch nog steeds mazen in het net zijn waardoorheen mensen glippen die dan opgevangen worden door de diakonie van de één of andere kerk.
Diakonieën hebben in de kerk ook de taak om misstanden te signaleren en na te denken over de maatschappelijke en economische structuren waardoor deze misstanden veroorzaakt worden. Zij zijn eigenlijk constant bezig om zichzelf overbodig te maken. Helaas lukt dat maar steeds niet.
Pieter
Boele, je gaat wel uit van een heel protestante, calvinistische visie op de 'kerk' waarin de liturgie versmald wordt tot een eenzijdige concentratie op het woord en informatieoverdracht. Dat is m.i. wel heel kort door de bocht. Waar is de ruimte voor vieren, zingen, de maaltijd delen, gemeenschap?
Dag Boele,
Interessante gedachten die uitnodigen tot reactie. Ik heb die op Isidorusweb (www.isidorusweb.nl) geplaatst
Of volledige link:
http://www.isidorusweb.nl/asp/default.asp?t=weblog_detail&weblog_id=6011
Alle goeds,
Eric
bij mijn reactie (2) had ik mijn naam willen zetten, Miranda
Ondanks de voor de hand liggende beperkingen vind ik het een interessante vergelijking. Ik interviewde een tijdje terug iemand uit de bibliotheeksector die de bibliotheek van de toekomst vergeleek met een klooster. In zekere zin ommuurd, niet afgesloten van de wereld, maar toch een rustpunt in de informatiesamenleving. Dus ook in die sector wordt de vergelijking gezien...
Een reactie plaatsen